Skip to content

SCAN #4: De arbeidsmarkt en de klimaattransitie

De klimaattransitie biedt ook tal van uitdagingen op de arbeidsmarkt. Dit is een uitgelezen kans om maatschappelijk relevante maar nu vaak ondergewaardeerde jobs te stimuleren en te herwaarderen, openingen te maken naar groepen die nu minder kansen krijgen op de arbeidsmarkt en de randvoorwaarden voor deze jobs te verbeteren. De klimaattransitie biedt zo een opportuniteit om de ongelijkheden op de arbeidsmarkt te verkleinen of zelfs weg te werken.

© Joana Mundana for ArtistsForClimate.org

De arbeidsmarkt: een kwart miljoen kansen dankzij groene jobs

250.000 extra arbeidskrachten. Dat is wat de klimaattransitie kan opleveren, becijferde de SERV. Een kwart miljoen mogelijkheden om mensen met verminderde kansen op de arbeidsmarkt aan een job te helpen, of om mensen een nieuwe, ecologische invulling te laten geven in hun werk. Volgens de studie Groene Vaardigheden van Trinomics zal iets meer dan een kwart van de bestaande jobs inhoudelijk veranderen door de klimaattransitie. Dit op een arbeidsmarkt die al heel wat uitdagingen kent. Het is haast onbegrijpelijk dat het beleid hier nauwelijks op inspeelt.

Er zullen ook jobs verdwijnen, bijvoorbeeld in de auto-industrie of de petrochemie. De werknemers die daar hun job dreigen te verliezen, moeten begeleid worden naar groene jobs, bijvoorbeeld in de dienstensector, de bouw en het transport. Die jobs vergen andere vaardigheden. Daarom moet de focus veel meer komen te liggen op levenslang leren en het ontwikkelen van niet alleen maar de noodzakelijke technische skills, maar ook vaardigheden als creativiteit, probleemoplossend denken en aanpassingsvermogen.

Nieuwe jobs zullen vaak nood hebben aan theoretisch geschoolde mensen, terwijl de veranderingen in de bestaande jobs vooral gaan over technisch opgeleide profielen. Daarom is het van zeer groot belang dat er voldoende wordt geïnvesteerd in alle opleidingen van sectoren die een transitie doormaken, en dat werknemers actief worden betrokken bij de veranderingen op de werkvloer.

“Het is van zeer groot belang dat er voldoende wordt geïnvesteerd in alle opleidingen van sectoren die een transitie doormaken, en dat werknemers actief worden betrokken bij de veranderingen op de werkvloer.”

© Douglas Barnes / US Department of Energy

Deze situatie biedt geweldige kansen voor ons land. De werkgelegenheidsgraad schommelt tussen de 71 en 73 procent, lager dan de ons omringende landen en lager dan de beoogde 80 procent tegen 2030. De werkloosheid schommelt rond de 5,5 procent. Maar bij kwetsbare groepen zijn de cijfers helemaal anders: de werkgelegenheidsgraad bij mensen met een migratieachtergrond ligt 19 procentpunt lager, bij kortgeschoolde mensen zelfs 38 procentpunten lager. België kampt ook met langdurige werkloosheid: iets meer dan de helft van de werkzoekenden is twee jaar of langer werkloos. De extra jobs die er komen dankzij de groene transitie zijn een uitgelezen kans om meer rekening te houden met deze groepen, waardoor de transitie ook sociaal rechtvaardiger wordt.

De transitie biedt ook de kans om de ongelijkheid in loon- en arbeidsvoorwaarden recht te trekken. Sinds 2015 zijn de reële lonen van de best betaalde groepen er wel op vooruit gegaan, maar de gemiddelde reële lonen van verschillende arbeidersgroepen, zoals vrachtwagen- en buschauffeurs, bouwvakkers, magazijniers, ongeschoolde arbeiders in de logistiek en transport, huishoudhulpen en schoonmakers gingen er op achteruit. Daarnaast is ook de kwaliteit van jobs niet altijd optimaal, illustreert de werkbaarheidsmonitor van de SERV. Bijna de helft van de werknemers heeft klachten over zijn job, en bijna 900.000 werknemers kampen met stress.

Weinig aantrekkelijke jobs

Onze arbeidsmarkt is weinig flexibel. Er is een gebrek aan bijscholing en levenslang leren. Omdat STEM-richtingen (Science, Technology, Engineering, Mathematics) zijn ondergewaardeerd, zorgt dit voor een krapte op de arbeidsmarkt die ook de klimaattransitie moeilijker maakt. Als we extra woningen willen isoleren, hebben we daar extra handen voor nodig. “Er is geen tekort aan elektriciteit, wel aan elektriciens.”

“Omdat STEM-richtingen zijn ondergewaardeerd, zorgt dit voor een krapte op de arbeidsmarkt die ook de klimaattransitie moeilijker maakt.

© Rawpixel

Doorgaans ziet de overheid twee oorzaken voor deze krapte: demografische evoluties zoals de vergrijzing, en een mismatch tussen de vraag naar arbeidskrachten en het aanbod vanuit de opleidingen. Een derde belangrijke oorzaak wordt nog vaak over het hoofd gezien: het gebrek aan kwaliteit van bepaalde jobs. De afgelopen jaren zijn sommige beroepen minder werkbaar geworden, volgt het loon van de werknemers niet langer hun productiviteit en werken steeds meer mensen onder flexibele en onzekere contracten. Het hoeft niet te verbazen dat net bij deze jobs de tekorten optreden.

De ‘marktlogica’ lost dit niet op, dus moet de overheid een belangrijkere rol spelen. Niet alleen in het stimuleren van opleidingen, maar ook door veel meer in te zetten op de sociale economie en het recht op werk. Want door de krapte op de arbeidsmarkt, is het een extra uitdaging om de nieuwe jobs die ontstaan dankzij de klimaattransitie in te vullen, dus moeten we hier op een sociaal rechtvaardige manier mee aan de slag.

Afwezige overheid

Om al deze redenen is het verontrustend dat de Klimaat- en Energieplannen van onze overheden nauwelijks reppen over de arbeidsmarkt. Het Vlaamse plan stipt wel even kort de bouwsector aan en wijst op de kans om extra jobs te creëren in de sociale circulaire economie. Maar concrete oplossingen schuift Vlaanderen niet naar voren. Wel hebben ze onderzoek gedaan naar de effecten van de Europese Green Deal op de Vlaamse arbeidsmarkt.

De federale overheid doet het iets beter, met aandacht voor het recht op opleiding, een actieplan met maatregelen rond werkplekleerplaatsen, de monitoring van de oorzaken van de tekorten aan arbeidskrachten en de bestrijding van discriminatie. Ook is er het Actieplan Circulaire Economie met maatregelen om werknemers in de klimaattransitie te ondersteunen.

Toch kan er nog veel meer gebeuren, en zetten de overheden hiertoe de eerste stappen. Via de loonnorm kan de federale overheid de beroepen financieel aantrekkelijker maken, terwijl men nu vooral op de rem staat. De Vlaamse overheid kan met opleidingen inspelen op de nieuwe vaardigheden die nodig zijn. Dat gebeurt meer dan vroeger: werknemers of werkzoekenden die opleidingen volgen, krijgen allerhande voordelen. En ook in het onderwijs is er al meer aandacht om technische mensen op te leiden voor de arbeidsmarkt. Vlaanderen benut bovendien ook steeds meer de mogelijkheden van de sociale economie. Sociaal ondernemerschap wordt volop ondersteund, denk maar aan de steun voor maatwerkbedrijven en de bedrijven die actief zijn in de lokale diensteneconomie.

Toch is de algemene conclusie teleurstellend: de arbeidsmarkt krijgt nauwelijks aandacht binnen het klimaatbeleid. Het zou niet meer dan logisch zijn als alle beleid rond de klimaattransitie ook een luik krijgt over de arbeidsmarkt. Van de overheid verwachten wij een sterke, heldere visie op de klimaattransitie. Idealiter is het klimaat de rode draad doorheen het volledige regeringsbeleid. Het beleid gaat nu nog al te makkelijk uit van een lineaire voorspelbaarheid, alsof het recente verleden zich gewoon doortrekt in de toekomst. Maar gezien het onvoorspelbare karakter van de transitie moet er worden nagedacht over heel andere scenario’s. De klimaatopwarming is disruptief, ook het antwoord daarop vergt disruptieve scenario’s.

Lees het hoofdstuk in het rapport

Scan #4: de arbeidsmarkt en de klimaattransitie

Deze scan draagt bij aan de volgende SDG’s: